Supplementen
Supplementen Beperkt bewijs 9 min lezen
Kies op de hoeveelheid magnesium en op hoe je darmen reageren, niet op de vorm. In kleine, korte studies werden citraat en een aminozuurchelaat beter opgenomen dan oxide; voor bisglycinaat is weinig bewijs, en dat je er gezonder van wordt, is niet aangetoond. De norm is 300 tot 350 mg per dag, en volwassenen krijgen gemiddeld genoeg binnen. Neem uit supplementen hooguit 250 mg per dag.
Je staat bij de drogist voor een schap vol potjes magnesium: bisglycinaat, citraat, oxide, malaat, met beloftes over slaap en spieren. Welke vorm heb je nodig? Kort antwoord: de vorm doet er minder toe dan het etiket suggereert. Oxide wordt in studies slechter opgenomen dan citraat, maar hoeveel magnesium je binnenkrijgt en of je wel een tekort hebt, wegen zwaarder.
Er is geen vorm die voor iedereen het beste is. In kleine, korte studies werden magnesiumcitraat en een aminozuurchelaat beter opgenomen dan magnesiumoxide; voor bisglycinaat is het bewijs dun. Kies daarom op de hoeveelheid magnesium per dag en op hoe je darmen reageren, en blijf onder de 250 mg uit supplementen.
Nog belangrijker is of je wel extra nodig hebt. Volgens het RIVM krijgen volwassenen in Nederland voldoende magnesium binnen.
Magnesium is nodig voor de opbouw van botten en spieren. Het helpt bij het doorgeven van prikkels in spieren en zenuwen, houdt een groot aantal enzymen aan het werk en speelt een rol bij de energieproductie in je cellen, schrijft het Voedingscentrum. Ongeveer de helft zit in je botten en tanden, maar 1 procent in je bloed.

Je haalt het uit volkoren graanproducten, groente, noten, zuivel en vlees. Voorbeelden van het Voedingscentrum:
Volgens de voedselconsumptiepeiling van het RIVM (2019-2021) komt 24 procent van ons magnesium uit brood, granen, rijst en pasta, 14 procent uit zuivel en zuivelvervangers en 11 procent uit niet-alcoholische dranken. Met gevarieerd eten kom je dus al een heel eind.
De Gezondheidsraad nam in 2018 de normen van EFSA over: een adequate inname van 350 mg per dag voor mannen en 300 mg voor vrouwen, ook tijdens zwangerschap en borstvoeding. EFSA kon geen gemiddelde behoefte berekenen en baseerde de norm op wat gezonde Europeanen eten.
Zit je daaronder, dan heb je niet meteen een tekort. De norm is mede gericht op het voorkomen van chronische ziekten en ligt daardoor hoger dan nodig is om tekortverschijnselen te voorkomen, schrijft de Gezondheidsraad.
Nederlanders kregen in 2019-2021 gemiddeld 359 mg per dag binnen, waarvan 326 mg uit voeding. Jongens en mannen kwamen gemiddeld op 386 mg, meisjes en vrouwen op 332 mg. Het RIVM beoordeelt de inname van volwassenen als voldoende.
Een tekort komt volgens het Voedingscentrum niet snel voor, maar kan ontstaan als je nieren of darmen slecht werken. Bij coeliakie, chronische darmontstekingen of een kortere darm na een operatie neem je minder magnesium op. Langdurig gebruik van een maagzuurremmer (protonpompremmer) kan een ernstig tekort geven, en ook plaspillen kunnen je magnesium verlagen.
Mogelijke klachten zijn vermoeidheid, spierkrampen en in extreme gevallen hartritmestoornissen. Een bloedtest zegt weinig, omdat er zo weinig magnesium in je bloed zit. Bespreek klachten daarom met je huisarts in plaats van zelf te gaan slikken.
In een supplement zit magnesium altijd vast aan een andere stof. Die bepaalt hoeveel magnesium er per gram in zit en hoe goed het oplost. Glycinaat en bisglycinaat zijn hetzelfde: magnesium gebonden aan twee moleculen van het aminozuur glycine.
| Vorm | Aandeel magnesium | Opname volgens studies | Laxerend effect | Voor wie |
|---|---|---|---|---|
| Bisglycinaat (glycinaat) | ca. 14% | Weinig onderzocht; bij 12 darmpatiënten gemiddeld even goed als oxide | Werd in die studie beter verdragen dan oxide | Als andere vormen je darmen van slag brengen (aanwijzing, geen bewijs) |
| Citraat | ca. 12-16%, afhankelijk van kristalwater | Lost goed op; in meerdere kleine studies beter opgenomen dan oxide | Goed oplosbaar zout: bij hogere doses kans op dunne ontlasting | Redelijke keuze om aan te vullen: vaker getest dan bisglycinaat |
| Oxide | ca. 60% | Lost slecht op; in één studie maar 4% opgenomen | Duidelijk: magnesiumoxide en -hydroxide worden ook als laxeermiddel gebruikt | Veel magnesium in een kleine tablet, maar lagere opname en kans op darmklachten |
| Malaat | ca. 15% | Niet vergeleken bij mensen; alleen een rattenstudie | Geen gegevens gevonden | Geen onderbouwde reden om juist deze vorm te kiezen |
Het aandeel magnesium is berekend uit de molecuulformules in de chemische databank PubChem en geldt voor de zuivere stof. Zo levert 1000 mg magnesiumbisglycinaat ongeveer 141 mg magnesium.
De bekendste vergelijking komt uit 2003: 46 gezonde mensen kregen 60 dagen lang elke dag 300 mg magnesium als aminozuurchelaat, citraat of oxide, of een placebo. Na 60 dagen plasten de citraat- en chelaatgroep meer magnesium uit dan de oxidegroep, een teken van betere opname. Citraat gaf de hoogste magnesiumwaarde in het bloed; oxide verschilde op geen enkele meting van placebo.
Oudere studies wijzen dezelfde kant op. In het lab loste oxide vrijwel niet op in water en zelfs bij veel maagzuur maar voor 43 procent, citraat in gewoon water al voor 55 procent. Een studie met Amerikaanse supplementen mat bij oxide een opname van 4 procent, tegen een hogere en onderling gelijke opname bij magnesiumchloride, -lactaat en -aspartaat.
Voor bisglycinaat is er weinig. Bij 12 mensen bij wie een deel van de dunne darm was verwijderd, werd een dosis van 100 mg uit bisglycinaat gemiddeld even goed opgenomen als uit oxide: 23,5 tegen 22,8 procent. Alleen bij de 4 patiënten die oxide het slechtst opnamen, deed bisglycinaat het duidelijk beter (23,5 tegen 11,8 procent), en iedereen verdroeg het beter.
Een overzichtsartikel uit 2017 concludeert dat het soort zout minder belangrijk is dan vaak gedacht: sommige studies vonden een iets betere opname van organische zouten zoals citraat, andere niet. Hoeveel je slikt en hoe je magnesiumstatus is, wegen zwaarder. Bovendien houdt je lichaam niet meer vast dan het nodig heeft: neem je meer op, dan plas je meestal ook meer uit.
Een systematische review van 14 studies uit 2021 zag dat anorganische vormen zoals oxide minder goed lijken te worden opgenomen, maar dat alle vormen bij gezonde mensen zonder tekort de magnesiumspiegel op peil konden houden. Bij ouderen, zieken en mensen met een tekort is dat minder zeker.
Ook de tablet zelf telt mee. In een labmodel van het maag-darmkanaal scoorden de zes producten met alleen oxide het slechtst van 15 supplementen, maar ook producten met hetzelfde zout liepen uiteen. Bij 30 proefpersonen gaf het beste product (oxide plus glycerofosfaat) veel meer extra magnesium in het bloed dan het slechtste oxideproduct. Kanttekening: de maker van het beste product leverde de supplementen.
Magnesium wordt volop verkocht als slaaphulp, maar het bewijs is zwak. Een systematische review uit 2026 bekeek twaalf gerandomiseerde studies bij volwassenen: de resultaten waren wisselend en de zekerheid van het bewijs laag tot zeer laag. Volgens de auteurs ondersteunt het huidige bewijs magnesium niet als standaardbehandeling bij slapeloosheid.
Een eerdere meta-analyse over slapeloosheid bij ouderen (drie studies, 151 deelnemers) vond dat zij met magnesium gemiddeld 17,4 minuten sneller insliepen dan met placebo. De totale slaaptijd veranderde niet significant, en alle studies hadden een matig tot hoog risico op vertekening.
Voor bisglycinaat is er één grotere studie: 155 volwassenen van 18 tot 65 jaar die slecht sliepen, slikten vier weken 250 mg magnesium als bisglycinaat of een placebo. Hun score op een vragenlijst voor slapeloosheid daalde met 3,9 punten, tegen 2,3 met placebo: net significant (p = 0,049) en een klein effect (effectgrootte 0,2). Objectieve slaapmetingen ontbraken.
Reken er dus niet op dat magnesium je nachten verbetert. Slaap je al weken slecht, bespreek dat dan met je huisarts.
Kramp is de klassieker op de verpakking. Cochrane zette in 2020 elf studies met 735 deelnemers op een rij. Bij ouderen (gemiddeld 61,6 tot 69,3 jaar) met kramp zonder duidelijke oorzaak, meestal 's nachts in de benen, gaf magnesium na vier weken geen zinvol verschil met placebo: gemiddeld 0,18 kramp per week minder (5 studies, 307 deelnemers), een verschil dat net zo goed toeval kan zijn.
Ook de duur en hevigheid van de kramp verschilden niet, en bij zwangeren waren de uitkomsten tegenstrijdig. Wel kregen meer gebruikers milde bijwerkingen, vooral diarree: 11 tot 37 procent, tegen 10 tot 14 procent met placebo.
Thuisarts, de publiekssite van de huisartsen, is helder: ben je niet zwanger, dan helpt magnesium niet tegen kuitkramp. Ben je zwanger, dan kan extra magnesiumoxide soms helpen; overleg dat met je verloskundige of huisarts. Krijg je vooral kramp bij het trainen, weet dan dat Cochrane voor magnesium bij sportkramp geen enkele gerandomiseerde studie vond.
Voor magnesium uit supplementen geldt een bovengrens van 250 mg per dag, voor volwassenen, zwangeren, vrouwen die borstvoeding geven en kinderen vanaf 4 jaar. Die grens stelde het Wetenschappelijk Comité voor de menselijke voeding in 2001 vast, en EFSA hanteert hem nog steeds. Bij ongeveer 360 mg per dag extra kreeg een klein deel van de volwassenen lichte diarree; tot 250 mg zagen de onderzoekers geen laxerend effect.

De grens geldt voor magnesium uit supplementen, water en verrijkte producten, niet voor het magnesium dat van nature in je eten zit. Uit gewone voeding kun je volgens het Voedingscentrum niet te veel binnenkrijgen. Het RIVM ziet wel hoge innames uit supplementen bij tieners, vrouwen en mannen boven de 50, al vindt het geen concrete aanwijzingen voor een zorgelijke situatie.
Zo blijf je binnen de grens:
Magnesium uit de drogist is niet voor iedereen onschuldig. Overleg eerst met je huisarts of apotheker als:
Lees meer over geneesmiddelen in ons overzicht Medicijnen. En vergelijk andere supplementen op onderzoek in plaats van op de verpakking: bekijk ons overzicht van supplementen.
Ja. Beide namen staan voor magnesium dat aan twee moleculen van het aminozuur glycine is gebonden. In de chemische databank PubChem zijn magnesiumglycinaat, -bisglycinaat en -diglycinaat synoniemen van dezelfde stof. Zuiver bisglycinaat bevat ongeveer 14 procent magnesium. Kijk bij het vergelijken van producten dus naar het aantal milligram magnesium per capsule, niet naar de naam op de voorkant.
Waarschijnlijk helpt dat een beetje. In een kleine studie van twee weken met 7 gezonde mensen en 4 patiënten met nierstenen steeg de hoeveelheid magnesium in de urine met 92 tot 96 mg per dag als het supplement bij de maaltijd werd genomen, tegen 77 tot 79 mg op een lege maag. Verdeel je dosis daarnaast over de dag: kleine porties worden relatief beter opgenomen en beter verdragen.
Ja. De Europese bovengrens van 250 mg per dag geldt voor magnesium uit supplementen, uit water en uit producten waaraan magnesium is toegevoegd. Alleen het magnesium dat van nature in je eten zit, telt niet mee. Drink je dagelijks mineraalwater met veel magnesium en slik je daarnaast een supplement, tel die hoeveelheden dan bij elkaar op.
Niet goed. Maar 1 procent van het magnesium in je lichaam zit in je bloed; ongeveer de helft zit in botten en tanden. Volgens het Voedingscentrum is de bloedwaarde daarom geen goede maat voor een tekort, en kan een arts een tekort lastig vaststellen. Heb je klachten zoals kramp of vermoeidheid, bespreek ze dan met je huisarts in plaats van zelf een tekort aan te nemen.
De norm voor zwangeren is 300 mg per dag, net als voor andere vrouwen, en de bovengrens van 250 mg uit supplementen geldt ook tijdens de zwangerschap. Bij kuitkramp kan extra magnesiumoxide volgens Thuisarts soms helpen, al zijn de studies tegenstrijdig. Overleg altijd eerst met je verloskundige of huisarts voordat je een supplement gaat gebruiken.
Supplementen
Supplementen
Cookies
We gebruiken alleen noodzakelijke cookies, tenzij je toestemming geeft voor Google Analytics. Dan zien we hoe bezoekers de site gebruiken. Je keuze kun je altijd wijzigen via ‘Cookie-instellingen’ onderaan elke pagina. Cookie-instellingen